Bijstellingen

Aansluiting met voorgaande begroting (saldo na reservering)

Begroting
2017

Begroting
2018

Raming
2019

Raming
2020

Raming
2021

Werk en inkomen

Oorspronkelijke begroting

-231.576

-218.718

-210.228

-208.334

-208.334

Wijzigingen BBV-omissie 2017

0

0

0

0

0

Wijzigingen Omissieregeling 2017

381

368

117

117

117

Bijstellingen voorjaarsnota 2017-2021

-65.423

-12.828

-19.743

-18.185

-18.497

Bijstellingen huidige begroting (betreft 2018-2021 incl. 2e herziening 2017)

-4.995

-3.658

-8.134

-5.060

-5.994

Totaal bijgestelde begroting

-301.613

-234.835

-237.987

-231.462

-232.707

Bijstellingen programma (x1000)

Begroting
2017

Begroting
2018

Raming
2019

Raming
2020

Raming
2021

Werk en inkomen

Ramingsbijstellingen

0

0

0

0

0

Reserves

0

0

0

0

0

Taakmutaties

-5.370

-4.098

-3.758

-3.380

-3.223

Technische Wijzigingen

375

441

-4.376

-1.680

-2.771

Totaal

-4.995

-3.658

-8.134

-5.060

-5.994

Toelichting ramingsbijstellingen

N.v.t.

Toelichting reserves (€ 0)
Bestemmingsreserve Taaleis

Uit de resultaatbestemming 2016 is de bestemmingsreserve Taaleis voor € 2 mln gevormd. Deze reserve dient ter dekking van de verwachte kosten in 2017 en 2018 als gevolg van uitvoering van de wet Taaleis. Voor beide jaren wordt een onttrekking van € 1 mln geraamd. De mutaties zijn op productniveau neutraal.

Toelichting taakmutaties (van - € 5,4 mln tot - € 3,2 mln)
Sociaal Domein Participatie

Er is meerjarig vanuit het Gemeentefonds aanvullend budget beschikbaar gesteld. Grotendeels heeft dit te maken met het afschaffen van de onderlinge verrekening van bedragen tussen gemeenten voor de WSW. Het restant is aanvullend budget voor re-integratie.

Impuls klantprofielen

De centrumgemeenten in de 35 arbeidsmarktregio’s ontvangen in 2017 elk een bedrag van € 89 als stimulans om het aantal gemeentelijke klantprofielen op het gewenste niveau te krijgen. Hiermee wordt een bijdrage geleverd aan het realiseren van de banenafspraak.

Toelichting technische wijzigingen (van € 375 tot - € 2,8 mln)

De belangrijkste technische wijzigingen op het programma Werk en Inkomen worden hieronder belicht.

Extra budget voor tegenprestatie

De invoering van de ‘tegenprestatie’ (product Maatschappelijke Participatie en Activering) in alle wijken van Rotterdam vraagt om de meer inzet, waarvoor een deel van het budget voor re-integratie (product Werk) wordt overgeheveld. Dit betreft € 400 voor 2017 en € 733 voor 2018.

Formatieve wijzigingen

Het begeleiden van SW-ers, mensen in een garantiebaan en herplaatsingskandidaten in de functieschalen 1-3 is geconcentreerd bij het cluster Werk en Inkomen. De gemeente Rotterdam heeft als werkgever over 10 jaar een opgave van 400 garantiebanen, opgebouwd uit 40 per jaar (29 fte per jaar uitgaande van 25,5 uur per garantiebaan). De financiering hiervan heeft al plaatsgevonden door overheveling van budget vanuit alle programma’s. De mutaties zijn op concernniveau neutraal. Een nadere toelichting van deze mutatie is op het product Werk te vinden.
De ambtelijke capaciteit voor de begeleiding van deze banen wordt in de formatie van Werk en Inkomen opgenomen en wordt gedekt uit de participatie middelen.

Uitsplitsing instroom nieuw Beschut

Beschut werk is expliciet als instrument in de Participatiewet opgenomen vanuit het oogpunt dat er altijd een groep mensen is die wel loonwaarde heeft, maar deze loonwaarde uitsluitend in een beschutte omgeving kan realiseren. Elke gemeente heeft bij ministeriële regeling een verplicht aantal te realiseren werkplekken aangewezen gekregen. Voor Rotterdam gaat het om 107 te realiseren werkplekken van gemiddeld 31 uur ultimo 2017. Voor 2018 gaat het om (voorlopig) 188 plekken. De hieraan gerelateerde personeelslasten worden voor 2017 geraamd op € 584 en voor 2018 op € 3,7 mln.

Overheveling budget werkende minima <130%

Bij de uitwerking van het Zomerakkoord is besloten om de € 2 mln voor de regeling werkende minima bij de begroting 2018 over te hevelen naar het product Armoede om daarmee het budget op één plek te hebben.

Lage-inkomensvoordeel (LIV)

Het LIV is een tegemoetkoming in de loonkosten van werknemers met een laag loon en geldt met ingang van 1 januari 2017.
Het geraamde bedrag over 2017 van € 860 is berekend op basis van de huidige WSW-populatie.
Omdat de uitbetaling pas in 2018 plaatsvindt en nog niet zeker is of de komende jaren ook recht bestaat op het LIV is alleen voor 2017 een bedrag opgenomen. Deze extra baten worden ingezet voor de begeleiding van werkzoekenden naar werk. Hierbij gaat om inzet van apparaat, derhalve is de mutatie op productniveau neutraal.
Bij de bijstellingsmomenten van 2018 en verder wordt bepaald of en voor welk bedrag de tegemoetkoming alsnog in de begroting wordt opgenomen. De mutaties zijn op productniveau neutraal.

Actualisatie doorbelasting Overhead concernondersteuning en concernhuisvesting

De berekening en de totstandkoming van de doorbelasting overhead concernhuisvesting en concernondersteuning wordt toegelicht bij het programma Overhead.

BUIG

Het tekort op de BUIG (Bundeling Uitkeringen Inkomensvoorzieningen Gemeenten) voor 2017 en 2018 is naar verwachting in totaal € 1,6 mln hoger dan begroot. Dit tekort is gebaseerd op de ontwikkeling van de gerealiseerde bijstandsvolume en de gemiddelde uitkeringsprijs tot en met juli 2017. De verhoogde tariefstijging van de uitkeringsnormen2017en lagere partiële inkomsten dan geraamd hebben een verhogend effect op de gemiddelde prijs waardoor het tekort op de BUIG in 2017 hoger uitkomt. De neerwaartse trend van de volume ontwikkeling leidt naar verwachting tot een lagere beginstand in 2018. Dit zal naar verwachting leiden tot een lager gemiddeld bijstandsvolume dan bij de VJN 2017 geraamd.
De bijstelling van de rijksbaten voor 2017 en 2018 is nog niet verwerkt, aangezien de bekendmaking van het definitief budget 2017 en het voorlopig budget 2018 door het Rijk pas eind september 2017 wordt verwacht. Verwerking van deze informatie vindt plaats voor 2017 in de 10-maandsbrief 2017 en voor 2018 in de 1e herziening 2018.
Naast het tekort op BUIG worden ook de lasten voor Social Impact Bond (SIB) gedekt uit de reserve WWB. De verwachte lasten voor SIB in 2017 en 2018 zijn in totaal € 3,9 mln lager.
In totaal wordt een onttrekking aan de reserve WWB geraamd van € 97,6 mln. De hoogte van de reserve WWB (Wet Werk en Bijstand) bedraagt € 99,9 mln.

Voor de oninbaarheid van de vorderingen op bijstandsgerechtigden heeft de gemeente een voorziening. In 2016 heeft er, naar aanleiding van een rechterlijk besluit een beleidswijziging op het gebied van het incassobeleid plaatsgevonden die gevolgen heeft voor de inningsduur en de hoogte van het risico op de oninbaarheid van de vorderingen. Conform advies van de accountant wordt periodiek de stand van de voorziening gemonitord. De maandelijkse mutaties in de voorziening laten nog geen stabiel beeld zien. Derhalve wordt in de 2e herziening 2017 een mogelijke dotatie aan de voorziening vooralsnog als risico (€ 7 mln) opgenomen. De debiteurenstand blijft de komende maanden gemonitord worden. Op basis van die informatie zal een mutatie opgevoerd worden in de 10-mndsbrief of in het eindresultaat bij de jaarrekening 2017.