Prioriteiten en indicatoren

De gemeente Rotterdam wil de kwaliteit van de leefomgeving verhogen. Vanuit de disciplines lucht, geluid, bodem en externe veiligheid richt het product Milieu zich op een gezonde, veilige en aantrekkelijke leefomgeving.

Prioriteiten

Het inwerkingtreden van de Omgevingswet, voorzien in 2019, heeft forse consequenties voor veel gemeentelijke taken en organisatieonderdelen. Milieu is een relevant onderdeel van gemeentelijke instrumenten als de Omgevingsvisie en het Omgevingsplan. Omdat gemeenten meer verantwoordelijkheden en mogelijkheden krijgen om te sturen op milieukwaliteit in gebieden, houdt de gemeente Rotterdam met de ‘Rotterdamse Milieu-agenda’ de ambitie, doelen en maatregelen voor luchtkwaliteit, geluidhinder, bodemsanering en externe veiligheid tegen het licht. De gemeente herijkt deze en werkt ze indien mogelijk gebiedsgericht uit.

De in 2018 vast te stellen beleidsdocumenten liggen inhoudelijk op één lijn met de Milieu-agenda. Zo wordt er gewerkt aan vervolgaanpak op de Koersnota Schone Lucht en aan een nieuw Actieplan Geluid. Dat laatste moet de gemeente door Europese regelgeving op te stellen. Ook actualiseert de gemeente het groepsrisicobeleid Externe Veiligheid en voert de gemeente de resultaten uit van een review van het bodembeleid. Van het dossier bodemsanering is de aanpak van loodverontreiniging een van de prioriteiten, naast de voormalige gasfabriek terreinen en de gebiedsgerichte aanpak van de Botlek. 2018 staat in het teken van de sanering van de met lood verontreinigde locaties. In 2017 lag de nadruk nog op onderzoek en wachtte de sanering op de resultaten daarvan. Daardoor is budget verschoven van 2017 naar 2018.

In het jaarlijks op te stellen DCMR-werkplan voor Rotterdam ligt in 2018 de focus op een adequate vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH), op een bijdrage aan de bovengenoemde producten en op anticipatie op de Omgevingswet.

Indicatoren

Soort indicator (collegetarget, BBV of overig)

Beschrijving indicator

Nulmeting/ 2014

Realisatie 2016

Prognose 2017

Eindwaarde/ 2018

Naam monitor

Overig

De concentratie elementair koolstof (EC) als gevolg van de verkeersbijdrage (gemiddeld 0,75 μg/m3) versneld te doen afnemen met 40% in deze collegeperiode (t.o.v. 2014)

Mijlpaal

40% minder roetuitstoot door verkeer per 1/10/2018

Koersnota Schone Lucht

Realisatie

Mutatie t.o.v. nul-meting

Q3 2014

0,75 μg/m3 van de concentratie roet als gevolg van verkeer

0,0%

Q4 2016

0,60 μg/m3 van de concentratie roet als gevolg van verkeer

20,0% reductie van de roetuitstoot gerealiseerd

30%

40%

Overig

Het gemeentelijke wagenpark is in 2018 25% ’schoner’

Mijlpaal

25% per 1/10/2018

Koersnota Schone Lucht

Realisatie

Mutatie t.o.v. nul-meting

0,0%

9,7%

25%

30%

Toelichting indicatoren

De gemeente streeft naar minder vervuilende auto’s in de stad door onder meer de milieuzone, de sloopregeling en het vervullen van een voorbeeldfunctie door verschoning van het eigen wagenpark.
De doelstelling is dat in 2018 het lokale verkeer 40% minder elementair koolstof uitstoot dan in 2014. Met het Rotterdamse maatregelenpakket uit de Koersnota Schone Lucht is al een aanzienlijke vermindering van elementair koolstof gerealiseerd. 40% minder uitstoot in 2018 blijft de ambitie. Ook de verschoning van het gemeentelijk wagenpark zet door en waardoor de ambitie ruimschoots gehaald zal worden. In het algemeen kan worden gesteld dat bij de vervanging binnen het gemeentelijk wagenpark gekozen wordt voor schonere voertuigen. Voor personenwagens geldt dat dit bijna altijd een elektrische- of hybride aandrijving is. Bij de vervanging van bestel- en vrachtwagens wordt om technische redenen veelal gekozen voor een Euro 6 dieselmotor.