Financiële uitgangspunten

Actualiseren grondexploitaties

De projectadministratie van de grondexploitaties bevat enerzijds de gerealiseerde kosten en opbrengsten en anderzijds de begroting van nog te maken kosten en voorziene opbrengsten. Alle posten worden contant gemaakt. Gesaldeerd ontstaat daardoor de Netto Contante Waarde-saldo (NCW) van het project.
Als er aanleiding voor is, actualiseert de gemeente gedurende het jaar de begrote posten. Eens per jaar, tijdens het jaarrekeningproces, neemt de gemeente alle posten door en voorziet deze van actuele onderbouwingen.

Richtlijnen voor resultaatneming

In geval van een negatief NCW-saldo gedurende de looptijd van een plan treft de gemeente bij de jaarafsluiting een verliesvoorziening ter grootte van het negatieve saldo. Om tussentijds winst te kunnen nemen zijn onderstaande voorwaarden vastgelegd in de Financiële Verordening Rotterdam:

  • het plan moet nagenoeg gereed zijn (minimaal 70% van de kosten en opbrengsten moet gerealiseerd zijn);
  • het saldo van opbrengsten minus kosten komt in aanmerking voor winstneming, met dien verstande dat dit saldo voorzichtigheidshalve met 20% verlaagd wordt in verband met eventueel tegenvallende kosten en/of opbrengsten;
  • winstneming op een actieve grondexploitatie vindt plaats aan het eind van het jaar;
  • beargumenteerde afwijking van de technisch berekende winstneming is mogelijk.
Parameters grondexploitaties

Voor een betrouwbare inschatting van de waardeontwikkeling van de portefeuille zijn verschillende externe factoren van invloed. Als gevolg van economische ontwikkelingen kan er sprake zijn van prijsstijgingen. In de grondexploitatie rekent de gemeente daarom met langjarige gemiddelde parameters voor kosten- en opbrengstenstijging en renteontwikkelingen. Een wijziging van de langjarige parameters heeft grote invloed op de uitkomst van de netto contante waarde-berekening (NCW-berekening). Jaarlijks vindt een analyse plaats om te bepalen of een aanpassing nodig is voor de langjarige parameters. Op dit moment zijn de volgende indices van kracht:

  • Rentepercentage 1,7% (naar rato vreemd vermogen/totaal vermogen, methodiek voorgeschreven in de BBV);
  • Disconteringsvoet 2% (sinds 2016 voorgeschreven in de BBV)
  • Kostenstijging 2,0%;
  • Opbrengstenstijging 1,0-2,0% (voor de jaren 2018 t/m 2026) en 0% voor 2027 en verder.

Toerekening interne apparaatskosten

Door tijd te schrijven boekt de gemeente apparaatskosten op de projecten