Dekkingsvoorstel

Voor het investeringsvoorstel wordt een dekking gevraagd van in totaal € 49,3 mln. Dit is als volgt opgebouwd:

* Dit zijn projecten uit het IFR-hefboombudget

1. Toevoegingen vanuit exploitatiebegroting (€ 31,1 mln)

Vanuit de algemene middelen wordt geld toegevoegd aan het IFR. De toevoeging bestaat uit de volgende componenten:

  • Voorheen afgesproken intensiveringen na aftrek van afgesproken kortingen daarop, en na aftrek van doorlopende kapitaallasten vanuit de MIP 2011-2014. Om enkele fysieke projecten af te wikkelen worden middelen via het IFR toegevoegd en is er € 3,4 mln verschoven naar 2019 om het hefboombudget te dekken. Netto gaat het in 2018 om € 6,9 mln.
  • Bespaarde rente. Bestemmingsreserves leiden ertoe dat de gemeente minder extern hoeft te financieren, waardoor de gemeente rentelasten bespaart. Spelregel is dat de gemeente de bespaarde rente toevoegt aan het IFR. Bij de begroting wordt de bespaarde rente geraamd, bij jaarrekening vindt bijstelling plaats op basis van de realisaties. In totaal gaat het om € 22,2 mln.
  • Toegekende trend. Totaal gaat het om € 1,9 mln.
2. Vrijval IFR 2016 (€ 9,9 mln)

De investeringsmonitor is een jaarlijkse voortgangsrapportage van lopende projecten. Afwijkingen door vertraging of andere omstandigheden worden in de monitor aan het college gepresenteerd. De monitor geeft een beeld van verschuivingen van planning en daarmee verschuiving van uitgaven. De uitkomsten van de monitor kunnen leiden tot vrijval van middelen. De vrijvallende middelen blijven beschikbaar in het IFR zodat de gemeente deze opnieuw kan inzetten als dekking van het investeringsvoorstel.

Projecten worden op basis van de uitkomsten van de investeringsmonitor ingedeeld in drie categorieën:

  1. Vrijval op basis van algemene spelregels IFR: wanneer ook na 2 jaar uitstel op het jaar waarin de investering zou plaatsvinden, de investering nog niet is gedaan, en er geen zicht is op snelle daadwerkelijke realisatie, valt het bedrag vrij;
  2. Vrijval op basis van eindafrekening;
  3. Vrijval op basis van actuele raming.

* Dit zijn projecten uit het IFR-hefboombudget

3. Vrijval uit ISV (€ 5,7 mln)

Gedurende 2016 is door gereedmelding en afrekening van projecten in 2016 vrijval gerealiseerd. Het resultaat is dat er per 1 januari 2017 nog een bedrag van € 2,1 mln aan vrij te bestemmen ruimte is in het ISV programma.
Daarnaast is er een aantal projecten waarbij het college op basis van gunstige ramingen voorziet dat de totale kosten wellicht lager zullen uitvallen. Dit resulteert in nog een extra bedrag van € 3,7 mln.

In totaal is er binnen ISV een bedrag van € 5,7 mln beschikbaar voor herbestemming. In het investeringsvoorstel zijn deze middelen gekoppeld aan de investering Buitenruimte Vreewijk.

4. Vrijval uit NPRZ (€ 1,6 mln)

Vanuit de bestemmingsreserve NPRZ kunnen twee projecten vrijvallen. Deze vrijvallende middelen moet de gemeente herbestemmen binnen het kader van het op 2 november 2012 door het Rijk, woningcorporaties en gemeente Rotterdam getekende convenant NPRZ 2012-2015 (Spiesgelden). Oftewel de vrijvallende middelen moeten worden ingezet ten behoeve van fysieke herstructurering in Rotterdam-Zuid (zowel particulier- als corporatiebezit).

Het project Bloemfontein valt lager uit dan begroot. Hierdoor kan een bedrag van € 655 vrijvallen. In het investeringsvoorstel zijn deze middelen gekoppeld aan de investering Buitenruimte Vreewijk.

Het geplande project Groningerstraat gaat niet door vanwege gebrek aan overeenstemming met de potentiële ontwikkelaar. Er wordt een herbestemming voorgesteld naar het project herinrichting Polderlaan. De gewenste kwaliteitsimpuls voor de Polderlaan is een soortgelijke kwaliteitsverbetering als het beoogde resultaat voor de Groningerstraat. Vanuit het Convenant (31 oktober 2012) en de SOK Afrikaanderwijk is deze herschikking van middelen mogelijk zonder eerder gemaakte projectafspraken te raken.

5. Erfpachtconversie Woonstad (€ 1,2 mln)

In 2015 is met Woonstad overeengekomen een gefaseerde conversie van de erfpachtcontracten in gang te zetten. Met de gemaakte afspraken was volgens het gemeentelijk erfpachtsysteem een bedrag van circa € 24 mln gemoeid over de periode van drie jaar. De middelen zou de gemeente volgens overeenkomst inzetten voor ruimtelijke investeringen om gezinnen en jong hoogopgeleiden in de stad te behouden. De gemeenteraad heeft op 2 april 2015 een motie aangenomen waarin de raad instemt met het sluiten van deze overeenkomst. De raad draagt het college op de vrijkomende middelen op te nemen in een bestemmingsreserve waarvan de onttrekkingen enkel en alleen besteed mogen worden aan investeringen in het ruimtelijke economisch domein. Afgesproken is deze middelen toe te voegen aan het IFR. In de voorjaarsretraite van 2015 is een bedrag van € 23,5 miljoen aan projecten toegekend. De definitieve opbrengst bedraagt € 24,7 mln. Het resterende bedrag van € 1,2 mln is meegenomen in het investeringsvoorstel van 2018 en wordt gebruikt voor de investering in het Vredenoordplein.